Hoofdluis
Hoofdluizen zijn kleine, grauwe beestjes van twee à drie millimeter lengte. Luizen zitten het liefst dicht op de hoofdhuid, waaruit ze het bloed zuigen waar ze van leven. Voorkeursplaatsen zijn achter de oren en in de nek. De eitjes (neten) hebben een witgele kleur, lijken op roos maar zitten vastgekleefd aan het haar. De neten komen binnen tien dagen uit. De jonge luizen zijn na zeven tot tien dagen volwassen en leggen dan ook weer eitjes.
Verschijnselen bij hoofdluis zijn:
- jeuk, vooral achter de oren en in de nek;
- bij nauwgezette controle zijn de luizen en/of neten te zien.
Besmetting kan ook zonder klachten verlopen.
Hoe krijg je ze?
Luizen springen niet, het zijn 'overlopers'. Besmetting kan heel gemakkelijk plaatsvinden:
- via kinderen die met hun hoofd dicht bij elkaar zitten;
- via het gebruik van dezelfde kam;
- via mutsen en jaskragen, bijvoorbeeld bij volle kapstokken, bij verkleedpartijtjes en bij het passen van kleding in winkels;
- in bed via het hoofdkussen en beddengoed.
Iedereen kan hoofdluis krijgen. Het heeft geen zin om te kijken waar de hoofdluis vandaan komt of wie ‘de’ overbrenger zou zijn.
Wat kun je als leid(st)er doen?
- Vraag ouders om het te melden als er bij hun kind hoofdluis is geconstateerd.
- Wanneer er bij een kind hoofdluis wordt ontdekt neemt de leidster het kind direct apart (kantoor ofspreekkamer). Daar wordt het kind door een tweede leidster gecontroleerd.
- Voorkom overvolle kapstokken; houd een onderlinge afstand van haken aan van tenminste 15 cm.
- De jasjes aan de kapstokken moeten verpakt in vuilniszakken gedaan. De ouders krijgen de meldingsbrief “Hoofdluis” mee.
- Al het beddengoed, knuffels en andere spullen van stof dienen van de groep gehaald te worden op de dezelfde dag waarop 1e geval ontdekt wordt en gewassen te worden. Vloerkleden moeten worden uitgeklopt en met natte doek worden afgenomen. Vloeren stofzuigen en dweilen. Doe niet-wasbare voorwerpen, zoals knuffels, gedurende 48 uur in een goed afgesloten plastic zak op kamertemperatuur of gedurende 24 uur in een diepvriezer. De luizen zijn dan dood.
- Zeker twee weken lang na de laatste geval/ontdekking van hoofdluis dienen alle kinderen bij binnenkomst(voordat ouders weg zijn) gecontroleerd te worden op hoofdluis. Als een kindje hoofdluis blijkt te hebben moeten de ouders het kind direct weer meenemen.
- Als er een week na het laatst gemelde geval weer een nieuw geval is moet alles weer gewassen worden.
- Bij hoofdluis mogen de kinderen niet bij elkaar op de groepen komen. Zeker de babygroep moet in deze situatie ontzien worden.
Melding bij de GGD
Hoofdluis hoeft niet gemeld te worden. Als er problemen zijn met de bestrijding kan de GGD uiteraard om advies worden gevraagd.
Blijven of halen
Wanneer minstens twee leidsters van mening zijn dat het kind hoofdluis heeft moeten direct de ouders worden gebeld. De ouders wordt vriendelijk doch dringend gevraagd het kind direct te halen. Aan de ouders wordt ook dringend verzocht eventuele andere kinderen uit het gezin ook mee te nemen.
Opmerkingen
De beste behandeling tegen hoofdluis bestaat uit een combinatie van het gedurende twee weken dagelijks kammen van het haar met een stofkam en het gebruik van een goede anti-luizenlotion. Deze lotions zijn verkrijgbaar bij apotheek en drogist. De GGD kan u adviseren over de werkzaamheid van de diverse middelen. Daarnaast kan uit voorzorg wekelijks het haar met een stofkam gecontroleerd worden, boven een stuk wit papier. Kam het haar daarbij van de hoofdhuid, via de ronding van het hoofd door tot de haarpunten.
Neten die ver van de hoofdhuid aan het haar vastzitten zijn leeg. Deze neten zijn moeilijk te verwijderen. Daardoor kan ten onrechte de indruk ontstaan dat er niet goed behandeld is. Het uit voorzorg gebruiken van lotions heeft geen zin, het voorkomt besmetting niet.